Inwerkingtreding Wet gegevensuitwisseling cryptoactiva (DAC8)
De Wet implementatie EU‑richtlijn gegevensuitwisseling cryptoactiva (DAC8) is met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 in werking getreden. Deze nieuwe wet verplicht aanbieders van cryptoactivadiensten om gegevens over hun gebruikers en hun transacties te verzamelen en te rapporteren aan de Belastingdienst. Vanaf 2027 worden deze gegevens internationaal uitgewisseld, waardoor de fiscale transparantie rond cryptoactiva aanzienlijk toeneemt.
Wat houdt DAC8 precies in?
DAC8 is de zevende wijziging van de Europese richtlijn voor administratieve samenwerking (DAC). Het doel is helder: meer inzicht krijgen in het bezit en gebruik van cryptoactiva, zodat belastingontwijking en ‑ontduiking beter kunnen worden bestreden.
Aanbieders van cryptoactivadiensten moeten vanaf 2026 onder meer rapporteren over:
- de identiteit van hun gebruikers
- alle relevante crypto‑transacties
- zowel binnenlandse als grensoverschrijdende transacties
Deze gegevens worden automatisch uitgewisseld tussen EU‑lidstaten én met landen die deelnemen aan het OESO‑Crypto‑Asset Reporting Framework (CARF).
Wie moet rapporteren?
Er zijn twee groepen rapportageplichtigen:
- Gereguleerde aanbieders
Dit zijn partijen met een vergunning om cryptoactivadiensten binnen de EU aan te bieden. Zij rapporteren in de lidstaat waar zij hun vergunning hebben verkregen.
- Exploitanten zonder vergunning
Dit zijn aanbieders die wel actief zijn in de EU, maar geen vergunning hebben. Zij moeten zich registreren in de lidstaat waarmee zij de “nauwste band” hebben.
Voor Nederlandse exploitanten geldt een eerste registratiedeadline van 31 januari 2027.
De Belastingdienst verwacht dat het voor een deel van deze exploitanten onduidelijk zal zijn of zij onder de rapportageplicht vallen, mede door de brede definitie van een “rapporterende aanbieder”.
Wat valt níet onder DAC8?
Opvallend is dat transacties zonder gebruik van een cryptoactivadienst — zoals via persoonlijke wallets of decentralised exchanges (DEX’s) — buiten de rapportageplicht vallen. Dit betekent dat een deel van de cryptomarkt vooralsnog buiten beeld blijft.
Uitvoeringsproblemen bij de Belastingdienst
De uitvoeringstoets van de Belastingdienst laat zien dat de nieuwe wetgeving grote uitdagingen met zich meebrengt:
- De gegevens zijn niet bruikbaar voor de vooraf ingevulde aangifte (VIA).
- Analyse van de aangeleverde data vereist handmatige verwerking, die per dossier 2–3 weken kan duren.
- De Belastingdienst verwacht 126 extra fte nodig te hebben, vooral gespecialiseerde crypto‑analisten.
Het kabinet blijft optimistisch over geautomatiseerde risicoanalyse, maar dit staat haaks op de inschatting van de Belastingdienst.
Terugwerkende kracht tot 1 januari 2026
Door vertraging in de parlementaire behandeling (o.a. door de verkiezingen) is een nota van wijziging ingediend. Hierdoor krijgt de wet formeel terugwerkende kracht tot 1 januari 2026, ook als publicatie in het Staatsblad later plaatsvindt.
Wat betekent dit voor gebruikers van crypto?
Voor particulieren en ondernemers verandert er op dit moment niets aan de fiscale regels: crypto blijft belast in box 3 of box 1, afhankelijk van de situatie. Wel zal de Belastingdienst vanaf 2027 over veel meer informatie beschikken, waardoor controle en handhaving intensiever kunnen worden.
Voor aanbieders en exploitanten van cryptoactivadiensten is het belangrijk om tijdig te voldoen aan de nieuwe registratie‑ en rapportageverplichtingen.
